![]() |
Collectie & favorieten
Mijn stenenverzameling bestaat voor het grootste
deel uit (ca. 250) zwerfstenen. Stenen dus die zijn aangevoerd door het landijs tijdens de IJstijd of door oude Noordelijke rivieren. De meeste daarvan heb ik gevonden langs de Hondsrug in Groningen en Drenthe. Andere zwerfstenen komen uit zandgroeven in Duitsland,
net over de grens (Wilsumerberg, Werpeloh, Wippingen). Het zijn niet alleen kristallijne gesteenten. Ik ben ook geïnteresseerd in stenen met levenssporen, windkanters en stenen met erosieverschijnselen. Het is maar een bescheiden collectie en op zichzelf niet bijzonder. Ik ken verzamelaars met veel grotere en indrukwekkender collecties. Toch zitten er wel een paar opmerkelijke stukken bij. En bij elkaar geeft de verzameling toch een vrij goed beeld van een zgn. 'Oost-Baltische zwerfsteenassociatie'. Dat wil zeggen een combinatie van gesteentesoorten die afkomstig is van de Alandseilandengebieden, Finland en Noord-Zweden. Deze stenencombinatie komt voor in het hele gebied van de Hondsrug. Een aantal gesteentesoorten zijn te karakteriseren als gidsgesteenten. Dit zijn gesteentetypen waarvan de herkomst met redelijke zekerheid is vast te stellen. (*) (*) Zandstra, J.G. : Noordelijke kristallijne gidsgesteenten. Leiden, Brill, 1988.
Hieronder enkele van mijn favoriete vondsten:
Jarngneis? Een fijnkorrelige, bleekrode graniet. Die rode kleur is typerend voor veel Alandgesteenten. De fijnkorrelige grondmassa, rijk aan veldspaat en ronde kwartskorrels, doet denken aan een apliet. Hier en daar zijn de mineralen evenwijdig gerangschikt, streperig, zoals in gneis. Wat opvalt zijn een twintigtal zwarte, ongeveer 5 mm grote korrels met metaalglans (foto rechts). Ze geven het stuk het aanzien van een krentenbol (foto links). Deze korrels zijn door verschillende mineralenkenners aangeduid als magnetiet. Het korrelgruis wordt inderdaad enigszins aangetrokken door een magneet. Zandstra geeft een beschrijving van Jarngneis die vrij goed overeenkomt (type 174). Volgens Zandstra heeft Jarngneis als gidsgesteente echter weinig betekenis. Herkomst: Zuid-Zweden. Vindplaats: akker bij Exloo. Afmetingen ca. 7 x 7 cm.
Alandgranofier Een lichtgrijsrode steen, met verspreide onregelmatige grijs-witte vlekken (foto links). De grondmassa bestaat geheel uit een mengsel van met elkaar vergroeide roze veldspaat en kwarts. Een dergelijk mengsel wordt aangeduid als granofierisch, micrografisch of micropegmatiet. De vlekken bestaan uit grovere vergroeiingen en rozetten van witte veldspaat en donkere kwarts. Er zijn vaak ook kleine holten zichtbaar. Daarin tekenen zich min of meer duidelijke kristalvormen af van kwarts en veldspaat. Het grafische patroon van grove en fijne micropegmatiet, donkergrijs op wit en roze, geeft een bijzonder fraai beeld (foto rechts). Alandgranofier is een gidsgesteente (Zandstra - type 3). Herkomst: zoals de naam aangeeft moet worden gedacht aan de omgeving van de Aland eilanden. Maar zekerheid over het herkomsgebied is er niet. Volgens Zandstra is het juister om te spreken over Oostbaltische granofier. Vindplaats: grindzuigerij Vos, Schoonloo. Afmetingen 20 x 15 cm.
Microsferolietporfier Een van binnen grijslila steen, aan de buitenzijde lichter
verweerd. Er zijn
Monocraterion Een kwartsietische, geelbruine zandsteen uit het Cambrium. De gelaagdheid is van opzij duidelijk te zien (foto links). De laagjes zijn hier en daar vervormd, V-vormig ingedeukt. Loodrecht op de gelaagdheid staan - soms meer soms minder duidelijk - staafvormige structuren. Het zijn fossiele, met sediment opgevulde graafgangen. Aan de bovenzijde van de steen (foto rechts) zie je een aantal onregelmatig ronde indrukken, opgebouwd uit concentrische ringen. Dit zijn de doorsneden van de gangen. Men beschouwt deze gangen als het levensspoor van een soort worm, Monocraterion. Het dier leefde in een zelfgebouwde buis of koker in het zand, net als zeepieren. De koker had bovenaan een trechtervormig uiteinde. Als de buis dichtslibde maakte Monocraterion een nieuwe trechter bovenin de oude. Tussen twee naburige trechterbuizen zijn de zandlagen wat omlaag gebogen, vandaar de V-vorm. Op doorsnede ziet het eruit als in elkaar geschoven puntzakjes. De doorsnede van de trechters aan de bovenzijde is 1-1,5 cm. Aan één zijde heeft de steen een door winderosie gevormde rib. Het is dus ook een beetje een windkanter. Vindplaats: Tweede Exloërmond. Afmetingen 12 x 10 cm.
Skolithos 1) Deze zogenaamde buizenzandsteen of Skolithoszandsteen dateert uit het Onder-Cambrium en is meer dan 500 miljoen jaar oud. De gelaagdheid is van opzij nog duidelijk te zien. Op de zijkant zie je ook een aantal rechte, staafvormige structuren, loodrecht op de gelaagdheid (foto links). Het zijn fossiele, met sediment opgevulde graafgangen. Op de kopse kant van de steen zie je kleine rondjes, de doorsneden van de gangen. De diameter varieert van 1 - 5 mm (foto rechts). Vindplaats: akker bij Gieten. Afmetingen 12 x 9 cm. Aangenomen wordt dat deze gangen, kokers of buisjes het werk –en de woning-
waren van een wormachtig zeedier. Uit onderzoek blijkt echter dat vergelijkbare
sporen veroorzaakt kunnen zijn door verschillende soorten wormen, schelpen, of
zelfs (de wortels) van sommige mangroveplanten. Over de maker(s) van de
graafgangen bestaat geen zekerheid.
Skolithos 2) Een kleine geelbruine Skolithos zandsteen. Dwars op de gelaagdheid staan een groot aantal gangen dicht opeen. De buisjes zijn niet erg recht en vertonen een nogal warrig patroon. Misschien zijn verstoringen in de opbouw van de zandlagen daar een oorzaak van geweest. Op sommige plaatsen zijn holtes te zien, waar minder harde delen van de steen zijn weggeërodeerd. Het vulmateriaal van de graafgangen bleek beter bestand tegen verwering. De buisjes steken nu fraai af tegen de holtes. Uitvergroot lijkt het een bergwand met grotten. Vindplaats: akker bij Buinen. Afmetingen 6 x 3,5 cm.
Skolithos 3) Een roodbruine Skolithos zandsteen. De gelaagdheid is in deze steen niet meer te zien. De buisjes zijn kaarsrecht en staan zeer dicht op elkaar, vrijwel zonder tussenruimte (foto links). Op één kant van de steen zijn de doorsneden van de graafgangen goed te zien (foto rechts). Ze variëren in diameter van 1 - 4 mm. Vindplaats: akker bij Gieten. Afmetingen 9 x 6 cm.
Syringomorpha nilssoni Een geelbruine zandsteen (op doorsnee geelgrijs), ook Onder-Cambrisch. Aan één zijde zie je een reeks dicht naast elkaar liggende korte staafjes. Ook op andere plaatsen zijn - minder duidelijk - soortgelijke structuren te zien. Net als bij Skolithos is niet duidelijk wat de oorsprong van dit fossiel is. De naam Syringomorpha verwijst alleen naar de uiterlijke vorm. De parallelle buisjes lijken wat op een Griekse pansfluit (syrinx). Vindplaats: akker bij Anderen. Afmetingen 8 x 6 cm.
Windkanter 1) In de zomer van 1975 fietste ik met mijn vriendin Maria aan de voet van de Holterberg. Tijdens een picknickpauze vond zij in de berm deze steen die ik van haar cadeau kreeg. Het was de eerste windkanter in mijn collectie. Sindsdien hebben windkanters altijd mijn speciale belangstelling gehad. De door winderosie gevormde rib aan de bovenzijde en een platte zijkant zijn duidelijke kenmerken. Vindplaats: Holterberg. Afmetingen: 8 x 7 cm.
Windkanter 2) Een steen van geelbruine cementkwartsiet. Door winderosie zijn op alle zijden van de steen tientallen ondiepe putjes en vlakjes onstaan (foto links). Ze variëren in doorsnede van enkele mm tot ca 1 cm. Sommige vlakjes staan in reeksen, zelfs meerdere reeksen naast elkaar (foto rechts). De steen heeft hierdoor een heel opvallend uiterlijk. Het lijkt wel of hij als een diamant is geslepen. Vindplaats: grindgroeve bij Wilsum (Dld). Afmetingen 14 x 9 cm.
Gletsjersteen / Windkanter Een grote platte kwartsietische zandsteen. Hij heeft ongeveer de vorm van een ruit (foto links). De onderkant is vrijwel glad afgeslepen tijdens het transport door het landijs. Een gedeelte van de bovenkant is komvormig uitgesleten. De steen vertoont verschillende soorten gletsjerkrassen: rechte krassen en boogvormige paraboolkrassen, vaak meerdere in serie achter elkaar (foto rechts). Naast de werking van het ijs heeft de steen ook nog winderosie ondergaan. Er zijn enkele meer of minder duidelijke ribben, ondiepe putjes, windlak. Vindplaats: akker bij Anderen. Afmetingen: 33 x 27 cm.
Je kunt stenen vinden die er zó fris en ongeschonden uitzien, alsof ze net van het Scandinavische moedergesteente zijn afgebroken. Andere daarentegen hebben veel beschadiging of verwering ondergaan. Maar juist die verwering zorgt soms voor verrassingen.
Schriftgraniet rolsteen(foto links) Pegmatiet is een mengsel van vrijwel uitsluitend veldspaat en kwarts, die vaak op een bijzondere, grafische manier met elkaar vergroeid zijn. De kwarts heeft dan het uiterlijk van krullen, haken of strepen die doen denken aan schrifttekens. Pegmatiet waarin dit verschijnsel op de voorgrond treedt wordt ook wel 'schriftgraniet' genoemd. Schriftgraniet is vaak te vinden in combinatie met Alandgesteenten. Er zijn veel variaties, je zou er zelfs een aparte collectie
van kunnen aanleggen. Aland kwartsporfier met verweerd veldspaatkristal (foto rechts) Aland kwartsporfier is een gemakkelijk te herkennen gidsgesteente. Kenmerkend zijn de ronde donkergrijze kwartskorrels, die de steen een 'krentenbrood uiterlijk' berzorgen.
|
Zwerfstenen - overzicht
|
||||||||||||||||||||||||
| © 2009 | |||||||||||||||||||||||||